top of page

'Mijn hart doet zeer juf'

J een jongetje dat ik laatst meenam uit de klas vandaan.


Hij zit naast C en dat is nu niet bepaald een gouden combi te noemen.


De een tikt om beurten bij de ander op de tafel of houden elkaar op een andere manier van de rekensommen vandaan. Er is afleiding, de hele tijd.


Ik zie het gebeuren en denk ‘ Waarom zitten die twee naast elkaar?’ 


Anyway.


De situatie is niet fijn, voor hen zelf niet. Maar ook de rest van de klas heeft er last van. Merk ik.


Ik zie het verschil in gedrag, of nee het gedrag is exact hetzelfde maar toch is er een verschil. Ik VOEL het.


Waar C bewust J van zn werk houdt, voel ik dat het andersom onbewust gebeurd. Per ongeluk zou je kunnen zeggen. Gek genoeg ;)


Ik neem J mee de klas uit.

Ik vraag ‘m hoe dit voelt om zo door mij de klas uitgenomen te worden.


‘Niet fijn juf’


Ik antwoord hem dat ik dat helemaal begrijp, en leg ‘m uit dat het niet als straf bedoelt is. Maar dat ik zie dat hij het moeilijk heeft in de klas.


Dat hij de dingen die hij doet, niet expres doet, maar dat ze gewoon gebeuren zonder dat hij zich daar bewust van is. Ik vraag ‘m of dat klopt.


‘Ja, eigenlijk wel juf. Ik wil helemaal niet zo irritant zijn. Maar ik kan het niet niet doen.’


Zie je.


‘J wil je van mij een oefening leren die ervoor zorgt dat je rustiger wordt?’


‘Nee hoor. Dat helpt toch niet’.


‘Weet je al welke oefening het is dan?’


Hij antwoordt dat hij het niet weet, maar dat het vast een stomme oefening is die hélémáál niet gaat werken.


‘Zullen we ‘m eerst eens doen, dan mag je daarna zeggen wat je ervan vindt. Goed?’


‘Nou ok dan’.


‘We doen ‘m samen. Haal in vier tellen adem door je neus en blaas in vier tellen uit door je mond. Ik tel jij hoeft alleen maar te ademen, goed?’


In 2, 3, 4, uit 2, 3, 4. 


Na een aantal keer vraag ik of hij het fijn vindt om z’n ogen te sluiten. Dat doet hij. 


‘We maken de uitademing nu iets langer. Je ademt uit in 6 seconden. Ik tel je hoeft niets te doen, alleen maar te ademen op mijn tellen.’


We herhalen dit een aantal keer.


Dan opent hij z’n ogen. En ik vraag ‘m wat hij opmerkt in zijn lijf.


‘M’n hart doet zeer juf’. Hij schrikt zelf van zijn antwoord zie ik.


‘Wil je daar iets over vertellen?’


Nee.


‘Wat merk je verder nog op?’


‘Ik voel me rustiger’. Zegt hij ietwat verbaasd.


Eerst vertrouwen winnen, daarna kunnen we het vast over zijn ❤️ hebben.


Zaadjes planten, hoe klein ook. Ik houd ervan🌱.



80 weergaven0 opmerkingen

Comments


bottom of page